Banjohoorn, gehoorhoorn
Snaarinstrument of blaasinstrument? Een banjohoorn is niet een bijzonder veelzijdig muziekinstrument, maar een apparaat om geluid op te vangen, een gehoorapparaat dus.

Foto: Jan Pit/BDU
Banjohoorn, gehoorhoorn
Datering: 1870 - 1950
Materialen: messing, kunststof oorstuk
Afmetingen: grootste breedte 13 cm; in uitgeschoven toestand, zoals op deafbeelding is de lengte 44 cm.
Geschonken door mevrouw G. van Ramselaar in 1985. De banjohoorn is een gehoorapparaat, ontwikkeld door de Amsterdamse hoogleraardr. Ambroise Arnold Guillaume Guye (1839-1905), en wordt ook wel Guye-hoorn genoemd.
Snaarinstrument of blaasinstrument?
Een banjohoorn is niet een bijzonder veelzijdig muziekinstrument, maar een apparaat om geluid op te vangen, een gehoorapparaat dus. Het bestaat uit een schotelvormige reflector en een conische buis, met aan het eind daarvan een oorstuk. Het is een heel effectief ontwerp. Het bewijs hiervoor is dat de hoorn ook militair toegepast werd. In de Eerste Wereldoorlog is de Guyehoorn gebruikt door luisterposten om de vijand, over het niemandsland heen, te kunnen horen. Zelfs nog in de Koreaanse oorlog (1950-1953) heeft dit apparaat dienst gedaan. Een groot voordeel voor militair gebruik is de eenvoud van dit ontwerp: de gebruiker was niet afhankelijk van gevoelige onderdelen zoals batterijen.
Het gezichtsvermogen waarschuwt voor gevaren die van voren komen, het gehoor echter voor alle gevaren rondom. Elk wezen is dus zeer kwetsbaar zonder een redelijk functionerend gehoor. Het is typerend voor de mens, dat hij probeert apparaten te maken, die een lichamelijk gemis compenseren.
Bij archeologische vondsten zal een geluidshoorn niet makkelijk als zodanig herkend worden, maar in geschreven bronnen worden al heel vroeg geluidsversterkende apparaten vermeld. In de Ilias spreekt Homerus (ca. 9e eeuw voor Christus) al van een geluidshoorn. In Pompeji zijn bronzen voorwerpen gevonden die hoogstwaarschijnlijk gehoorapparaten waren.