Persbericht, augustus 2002.
Rien poortvliet “te hooi en te gras”Over boeren, vee en boerderijen…
Iedereen kent Rien Poortvliet. Zijn naam roept onmiddellijk associaties op met dieren en dierenliefde, maar ook met de jacht, landschappen en de mensen die er wonen, koningshuis en kerk. Zijn werk is door en door Hollands en zelfs zijn kabouters zouden zich over de grens niet thuis voelen. Poortvliet is een begenadigd tekenaar en hij kan zich meten met de grote illustratoren van de twintigste eeuw Jetses, Isings en Piek.
In het kader van en vooruitlopend op 2003 het Jaar van de Boerderij is er in het Veluws Museum Nairac te Barneveld van 12 oktober tot en met 8 maart 2003 een grote selectie aquarellen te zien uit Te hooi en te Gras, over het leven op de boerderij. De eeuwige kringloop van zaaien en oogsten, de geboorte van een kalfje, de smid aan het werk, het ploegen met een span paarden, Poortvliet is een meester in het weergeven van mens en dier in zijn natuurlijke omgeving. De boer die ‘s morgens vroeg op de rand van zijn bed geeuwend zijn sokken aantrekt, de juf van de dorpsschool, de dokter en de veearts: het zijn individuen, maar ook de inwoners van Geert Maks Toen God verdween uit Jorwerd en van ieder klein dorp.
De tentoonstelling is in de eerste plaats bedoeld om bezoekers te laten genieten van een groot aantal originele kunstwerken, in bruikleen afgestaan door het Rien Poortvliet Museum in Middelharnis. In de tweede plaats is er een educatief aspect aan verbonden. Veel jonge mensen zijn inmiddels totaal vervreemd van het boerenleven en alles wat dat inhoudt. Alleen door negatieve publiciteit: bio-industrie, MKZ en varkenspest komt de boer in het nieuws. Het boerenbedrijf zoals het was – en deels nog wel is - is voor veel mensen onbekend. Door middel van de tekeningen, aangevuld met werktuigen, klederdrachten en miniaturen van koetsen, karren en gereedschap en historische filmopnames krijgt de bezoeker een indruk van het boerenleven.
Op 27 september a.s. wordt De wereld van Rien Poortvliet gepresenteerd in het Rien Poortvlietmuseum te Middelharnis. Dit boek over leven en werk van de kunstenaar is ook in het Veluws Museum Nairac te koop.
Rien Poortvliet: ‘Te hooi en te gras’. Over boeren, vee en boerderijen. Van 12 oktober t/m 8 maart 2003. Het Veluws Museum Nairac is geopend van dinsdag t/m vrijdag van 10.00 tot 17.00 uur, op zaterdag van 13.00 tot 17.00 uur. Rondleidingen op aanvraag. Voor meer informatie: Veluws Museum Nairac, Langstraat 13, Barneveld. Telefoon: 0342-415666, fax 0342- 490943, E-mail: info@nairac.nl, internet www.barneveld.com/nairac.
Bij publiciteit over de tentoonstelling kunnen de afbeeldingen vrij van rechten worden gebruikt onder vermelding van: copyright Rien Poortvliet ‘Te hooi en te gras’.
Mocht de kwaliteit van het beeldmateriaal niet voldoende zijn, dan kunnen wij u op aanvraag foto’s toesturen.Contactpersoon: Priscilla van Leeuwen, Marijke Dooper.
Extra informatie Rien Poortvliet
“De populairste schilder van Nederland”
Rien Poortvliet wordt wel “de populairste schilder van Nederland” genoemd. Ooit heeft hij in een interview op de vraag of hij kunst maakt geantwoord: “Het zal me een rotzorg zijn! Ik hoor niet bij een isme.” De in 1995 overleden tekenaar Rien Poortvliet beschouwde zichzelf meer als een illustrator en als een “pure handwerksman”.
Hij was een “tekenende verteller” in de traditie van de bekende illustratoren C. Jetses en J.H. Isings uit het begin van de vorige eeuw. In navolging van de door Jetses en Isings met groot vakmanschap gemaakte historische en natuurhistorische wandplaten ontwikkelde Poortvliet gaandeweg zijn eigen “wandplatengenre”.
De erkenning die hij tijdens zijn leven kreeg van het grote publiek (op de website van het Rien Poortvliet Museum staat te lezen: “de geliefde volksschilder en verteller …”) werd niet of nauwelijks gedeeld door de zichzelf respecterende kunstkenners. Zij zagen zijn werk als een belediging van de goede smaak. Poortvliet’s tegendraadse en “balsturige” commentaren op de reacties van het fijnbesnaarde kunstminnende publiek deden de appreciatie van zijn werk in deze kringen geen goed. Collega-illustratoren zoals Peter van Straaten en Waldemar Post bewonderden evenwel zijn vakmanschap.
Rien Poortvliet werd in 1932 geboren in Schiedam. Hij groeide op in een gereformeerd gezin. Van jongs af aan kon hij het tekenen niet laten. Hij bleek als kind al “erg gevoelig te zijn voor illustraties”. Als de illustraties in een boek hem niet raakten dan bleef het boek ongelezen. De kunstacademie trok, maar zijn ouders hielden dit tegen. Volgens Poortvliet Sr. zou het kunstenaarschap synoniem zijn met leven in armoede.
Poortvliet begon zijn loopbaan als jongste medewerker op een reclamebureau. Tijdens zijn diensttijd bij de Koninklijke Marine maakte hij tekeningen voor het tijdschrift ‘Alle Hens’. Hierna werkte hij 15 jaar als reclame-tekenaar voor Lintas, het reclamebureau van Unilever. Hij maakte illustraties voor de bekende merknamen zoals Blue Band, Omo en Royco. Het aanprijzen van deze produkten kwam hem op den duur de neus uit. Hij wilde iets anders en koos voor het vrij kunstenaarschap.
Als boekenillustrator maakte hij in die tijd illustraties voor kinderboeken van Jaap ter Haar (Saskia en Jeroen; Lotje en Chimp). Omdat hij van Unieboek weinig opdrachten kreeg om boeken te illustreren, besloot hij zijn eigen tekeningen te bundelen en te laten uitgeven. Als natuur- en jachtliefhebber koos hij onderwerpen die hem na aan het hart lagen.
Zijn eerste boek ‘Jachttekeningen’ verscheen in 1972 en was een groot succes. Vele boeken zouden volgen met titels als ‘De vossen hebben holen’ uit 1973, ‘Te hooi en te gras’ over het leven op de boerderij uit 1975, ‘Brieschend paard’ over paarden uit 1978, ‘Hij was één van ons’ over het leven van Jezus uit 1979 samen met Ds. Hans Bouma, ‘Van de hak op de tak’ over zijn eigen leven uitgegeven in 1980 en ‘Braaf’ een kijk- en leesboek voor mensen die van honden houden uit 1983. Deze boeken werden vele malen herdrukt en haalden zeer hoge oplage-cijfers.
De grote internationale doorbraak bereikte Poortvliet met zijn niet klein uitgevallen kleurrijke prentenboeken over kabouters. Met de schrijver Wil Huygen maakte hij in 1976 ‘Leven en werken van de kabouter’. Een ongekend succes. Na vijf jaar waren er in ons land bijna een half miljoen exemplaren verkocht. In Amerika zijn inmiddels al meer dan vier miljoen verkocht. Tot op heden is dit boek zijn absolute bestseller. De eerste druk van het tweede kabouterboek ‘De oproep der kabouters’ uit 1981 bedroeg 150.000 exemplaren. Geen gering aantal in de uitgeverswereld. Van Poortvliet zijn 16 boeken verschenen. Deze boeken zijn in 22 talen vertaald. Over de gehele wereld zijn er miljoenen van verkocht. Sinds 1974 wordt elk jaar een Rien Poortvliet kalender uitgebracht. Al met al een aanzienlijke prestatie voor een autodidact!
Hoe kwamen Poortvliet’s tekeningen en schilderijen tot stand? Omdat “niemand de kans heeft gekregen mij zijn handschrift op te dringen” kon hij in de loop der jaren een zeer persoonlijke en eigen stijl ontwikkelen. Een tekening of schilderij werd door Poortvliet pas opgezet na een grondige voorstudie. “Alles moet kloppen.” Details waren voor hem zeer belangrijk. Om een dier “goed te leren kennen en zo raak mogelijk neer te zetten heb ik de dringende behoefte het in handen te houden.” Door het dier te betasten deed Poortvliet heel veel informatie op die hij verwerkte in zijn tekeningen en schilderijen.
Als “beestenschilder” probeerde hij de dieren zo uit te beelden “zoals de goede God ze gemaakt heeft”. Hoe dichter hij bij een bepaald dier stond, hoe beter hij het kon schilderen of tekenen. Bepaalde dieren hadden zijn voorkeur. De vorm van zijn ‘uitverkoren’ dieren was heel belangrijk. In een reebok bijvoorbeeld kon hij zich anatomisch heel goed inleven. Een reptiel stond gevoelsmatig heel ver van hem af. Zijn uitspraak “Hoe meer ik van mezelf in een dier herken, hoe dichter ik bij dat dier sta en hoe beter ik het kan schilderen.” spreekt boekdelen.
Poortvliet schilderde naar de natuur: “Het natuurgetrouw weergeven is m’n grootste plezier.” Hij schilderde mens en dier zoals ze zijn. Poortvliet’s naturalistische manier van schilderen was geen fotorealisme. In een kunstwerk moest de beschouwer op de één of andere manier ‘een schilderende hand’ kunnen zien. Aanleg alleen is niet voldoende. Poortvliet stond op het standpunt dat hij aan zijn onderwerp een persoonlijke toets moest geven.
In 1992 opende Z.K.H. Prins Bernhard in het Zuidhollandse Middelharnis het Rien Poortvliet Museum, waar ruim tweehonderd werken van hem te bewonderen zijn.
Tekst Gronings Natuurhistorisch Museum 2001 n.a.v. Rien Poortvliet: Een fenomeen in beeld.